Geschiedenis van FC St. Pauli #1: Das Herz von St. Pauli

In deze driedelige serie beschrijf ik de geschiedenis van onze geliefde club, FC St. Pauli. Hoe is de club ontstaan? Hoe heeft het kunnen uitgroeien tot de cultclub die het nu is?

In dit eerste deel beschrijf ik de geschiedenis van de wijk St. Pauli tot de jaren tachtig. Zoals elke voetbalclub, is ook FC St. Pauli een product van haar omgeving en daarom is de geschiedenis van de wijk erg belangrijk om de club en waar het voor staat te kunnen begrijpen.

St. Pauli, toen nog de ‘Hamburger Berg’ genoemd, wordt gesticht in 1247 met de bouw van een klooster op de noordelijke oever van de Elbe. Omdat dit gebied zich buiten de stadsmuren bevond, blijft het tot aan de zeventiende eeuw dun bevolkt. In 1616 besluit de Hamburgse Senaat de Hamburger Berg af te graven om materiaal te verkrijgen voor het versterken van de stadsmuur. Op de nieuwe vlakte vestigen zich, aangemoedigd door het stadsbestuur, die industrieën die vanwege hun geur, geluid of vervuiling ongewenst zijn binnen de stadsmuren. Om de ambachtslieden toegang te geven tot de stad, wordt in 1626 een poort in de stadsmuur gebouwd. Deze poort krijgt de naam Millerntor, waar het stadion van FC St. Pauli haar naam aan te danken heeft.

Millerntor, circa 1750

Rond 1680 wonen er 2.000 mensen in de wijk en in 1682 wordt er een kerk gebouwd om te voorzien in de spirituele behoeftes van de bevolking. Deze kerk wordt vernoemd naar Paulus de Apostel: Sankt Pauli. Nog geen vijf jaar later wordt de kerk, en een groot deel van de huizen in de wijk, vernietigd door de Denen tijdens de het beleg van Hamburg. In de loop van de zeventiende eeuw wordt de kerk herbouwd, maar wederom vernietigd door Franse troepen in januari 1814 als Napoleon met zijn leger de stad binnentrekt. De wederopbouw begint in 1820 en de wijk groeit in de jaren daarna dermate snel dat de inwoners in 1833 het recht krijgen om zitting te nemen in het stadsbestuur. In 1838 wordt de wijk definitief omgedoopt tot ‘St. Pauli’ ter ere van de kerk.

De voornaamste oorzaak voor de plotselinge groei van de wijk is dat zij gebruikt wordt als alternatieve aanmeerpunt voor schepen voor wie geen plek was in de drukke van Hamburg. Er komen steeds meer pieren bij om stoomschepen te voorzien van kool en een plek om hun lading te lossen. Dit leidt tot een groei van goedkope hotels en cafés om te voorzien in de behoeften van de matrozen. Deze groei wordt duidelijk wanneer we ons beseffen dat er in 1838 dertien danshallen in de wijk bevinden, terwijl er slechts tien zijn in de rest van Hamburg. Behalve drank, onderdak en voedsel, groeit ook een andere industrie door alle matrozen: de prostitutie. In de loop van de negentiende eeuw groeit de Reeperbahn uit tot de meest beruchte straat in Duitsland. In 1834 telt St. Pauli achttien bordelen en 120 prostituees; in 1890 is dat aantal flink gegroeid met alleen al twintig bordelen in de Herbertstraβe.

Aanmeerplaatsen voor schepen circa 1900

Na de vestiging van diverse grote scheepswerven in Hamburg, raakt St. Pauli steeds verder geïndustrialiseerd. Hoewel deze scheepswerven gevestigd zijn ten zuiden van de Elbe, zorgt de opening van de St. Pauli Elbe Tunnel in 1911 ervoor dat de arbeiders makkelijker bij deze bedrijven aan het werk kunnen. Dit zorgt voor een steeds groter wordend contrast tussen de bourgeois in Hamburg en de arme arbeiders in St. Pauli.

In 1842 zorgt een enorme brand in Hamburg ervoor dat 20.000 mensen gedwongen zijn een nieuwe woning te zoeken en velen trekken naar St. Pauli. Dit zorgt voor een ernstige overbevolking. Om dit op te lossen, besluit het stadsbestuur twee nieuwe wijken toe te voegen in het noorden: de Karolinenviertel en de Schanzenviertel. Deze wijken zijn vooral ingericht om rijkere inwoners te trekken. Dit zorgt voor een tweedeling in de wijk tussen het armere zuiden en het rijkere noorden.

Het leven in het armere zuiden is bepaald geen pretje. Overbevolking zorgt ervoor dat een bed vinden om te slapen al een hele klus is. Veel arbeiders huren een bed per uur. Om aan genoeg geld voor schoenen en kleding te komen, zijn veel families gedwongen hun meubels te verpanden. De arbeiders eten vooral brood, aardappelen en koffie. Meestal staat er slechts een keer per week vlees op het menu. Een dergelijke eentonig voedingspatroon zorgt al snel voor ziekte en dat brengt extra kosten met zich mee. De meeste gezinnen lopen dan ook consequent achter op de huur, dat vaak een derde van hun inkomen bedraagt. Al met al leeft zeventig procent van de bevolking van St. Pauli onder de armoedegrens.

Op 5 november 1918, na de Eerste Wereldoorlog, breekt in Hamburg een revolutie uit. Uiteindelijk wordt de op 6 november uitgeroepen arbeidersrepubliek weer opgedoekt, maar in maart 1919 wint de socialistische SPD een absolute meerderheid in de gemeenteraad. Ze kiezen er echter voor een lid van de oude, aristocratische families aan te stellen als burgemeester en een rijke zakenman te benoemen tot de wethouder van financiën. Dit zorgt voor een voorbestaan van de sociale onrust en tussen 1919 en 1932 worden er twintig grote stakingen georganiseerd in de stad, die vaak gepaard gaan met grote gevechten tussen politie en stakers.

Doordat de haven van Hamburg extra gevoelig is voor schommelingen in de wereldeconomie, zorgt de crisis van 1929 voor nog meer werkloosheid en armoede. Doordat het stadsbestuur, onder aanvoering van de SPD, geen antwoord vindt op deze ontwikkeling, keren steeds meer arbeiders zich tot een nieuwe politieke partij: de NSDAP (Nazipartij). Van mei 1928 tot november 1932 neemt het aantal stemmen toe van 2,3 procent naar 23,3 procent. Dit leidt weer tot straatgevechten tussen communisten en nazi’s, waarbij regelmatig doden vallen. Na de machtsovername door de Nazi’s worden er 2.400 communisten in de Hamburgse haven opgepakt. Desondanks weet een verzetsgroep zich te handhaven en deze pleegt regelmatig sabotage en voorziet ter werk gestelde Russische krijgsgevangenen stiekem van voedsel.

Hamburgse kinderen op weg naar school, 1946

Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt Hamburg regelmatig gebombardeerd door de geallieerden, al wordt St. Pauli gespaard door de aanwezigheid van veel luchtafweergeschut. Desondanks wordt een derde van de wijk vernietigd. Mede dankzij de inzet van Willi Bartels, de zogenoemde ‘Koning van St. Pauli’, wordt de wijk snel gerepareerd en in de jaren vijftig wordt de Reeperbahn gepromoot als toeristische locatie. Het traditiegetrouw tolerante district vormt een centrum voor de sociale veranderingen van de jaren zestig en vormt een geliefd uitgaansgebied voor Engelse jongeren, waaronder de leden van een onbekende band genaamd The Beatles.

De beruchte Star Club aan de Reeperbahn, 1962

Het nadeel van deze reputatie was dat de naam St. Pauli synoniem komt te staan voor misdaad, prostitutie, armoede en drugs. Steeds meer mensen vertrekken uit de wijk, omdat de scheepswerven sluiten en er steeds minder schepen de pieren van St. Pauli aandoen. Het aantal inwoners neemt af van 31.000 in 1970 naar 22.000 in 1985. St. Pauli wordt steeds meer de woonplek van bejaarden, arbeidsmigranten, en de armste groepen van de arbeidersklasse. De neergang van de wijk wordt nog verder versterkt door het ontstaan van AIDS. Hierdoor neemt het aantal prostituees af en zijn de pooiers en nachtclubeigenaren gedwongen zich bezig te houden met andere bedrijfstakken, zoals drugs- en wapenhandel. St. Pauli wordt daardoor het toneel van gewelddadige onderwereldoorlogen, waarbij criminelen en politieagenten iets te nauwe banden hebben.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s